Stellingen.

Een beenlengteverschil wordt meestal onbewust gecompenseerd en/of gecorrigeerd.
Voor deze "natuurlijke correctie" gebruikt ons lichaam houdingsveranderingen- loop en stagewoonten die o.m. tot stand worden gebracht via banden en spieren. In de loop van de tijd kunnen hierdoor weer andere problemen, zoals rug- heup- knieklachten of artrose ontstaan.

Wat is NIET waar?

  • Dat een beenlengteverschil zo gewoon is dat je tot 2 cm verschil er niets aan hoeft te doen en het lichaam 'dat zelf wel op kan vangen';
  • Dat een beenlengteverschil (bij kinderen of volwassenen) volledig gecompenseerd mag worden middels een (hak)verhoging;
  • Dat alleen een hakverhoging voldoende is. Na meting blijkt vaak een hak- + zool verhoging nodig te zijn;
  • Dat je 'zomaar ineens' 1- tot 1,5 cm hakverhoging mag gaan dragen. De klachten nemen dan meestal alleen maar toe.

Wat is WEL waar.

  • Dat een beenlengteverschil zo gewoon is, dat je (bijna) een afwijking hebt als je GEEN beenlengteverschil hebt;
  • Dat zelfs een klein beenlengteverschil van 5 mm al (rug)klachten kan veroorzaken.

Deze website is een iniatief van het C.I.R.P. Hier vindt u uitleg over de doelstellingen, en via ‘contact’ een mogelijkheid om vragen te stellen.